Willem speelt oorlogje, terwijl veteranen de echte strijd leveren
Daar stond hij dan, koning Willem-Alexander, met een drone in zijn handen en een blik alsof hij net persoonlijk de landsgrenzen had verdedigd. Zijn boodschap? “Nederland moet zich tot de tanden toe bewapenen.” Stoere praat, alsof hij zo uit een slechte actiefilm was gestapt. Vrede en veiligheid zijn niet vanzelfsprekend, waarschuwde hij. Nee Willem, dat weten de veteranen allang. Die hoeven daar geen speech van een koning voor te horen die hooguit zijn polsbandje verliest bij een Koningsdag-optreden.
Wat Willem gemakshalve vergeet, is dat de mensen die die veiligheid jarenlang hebben bewaakt, nu in stilte de échte oorlog voeren. Niet tegen vijandelijke drones of raketten, maar tegen trauma’s, onzichtbare wonden en een overheid die liever investeert in nieuwe wapens dan in het helen van de scherven die al gevallen zijn.
De show versus de werkelijkheid
Het is makkelijk om op een kazerne stoere woorden te verkondigen, te poseren bij een Patriot-luchtverdedigingssysteem en je bewondering uit te spreken over het bouwen van meer drones. Maar waar blijft diezelfde betrokkenheid als het gaat om de veteranen die jarenlang hun leven op het spel hebben gezet? Die nu worstelen met PTSS, financiële problemen, kapotte gezinnen en een overheid die doet alsof hun missie eindigde toen ze het vliegtuig uitstapten.

